De EU Batterijenverordening (Verordening (EU) 2023/1542) vervangt de oude Batterijrichtlijn uit 2006. Ze is in augustus 2023 in werking getreden, maar werkt met een gefaseerd tijdschema. Dat betekent: sommige verplichtingen gelden nu al, andere gaan pas later in.
Voor importeurs en retailers die producten met batterijen op de markt brengen is dit relevant. Denk aan speelgoed, draagbare elektronica, e-bikes, gereedschap en huishoudapparaten.
Wat geldt al?
Sinds augustus 2024 gelden de eerste verplichtingen. De bekendste is de eis rond verwijderbaarheid. Draagbare batterijen in consumentenproducten moeten door de eindgebruiker zelf verwijderd en vervangen kunnen worden. Dit raakt direct aan productontwerp.
Daarnaast zijn er eisen aan de markering van batterijen. Batterijtypes moeten duidelijk zijn aangegeven, inclusief de capaciteit en aanwezigheid van gevaarlijke stoffen. De bekende doorgestreepte vuilnisbak blijft verplicht, maar er komen aanvullende eisen.
Producenten en importeurs moeten zich registreren in nationale registers voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid. Per lidstaat loopt de implementatie hiervan iets anders. Nederland heeft dit ondergebracht bij het Besluit beheer batterijen en accu's.
Wat komt er nog aan?
De verordening voorziet in een doorlopende reeks nieuwe verplichtingen tot 2036.
Vanaf 2026 komen er eisen aan het gehalte gerecycled materiaal in nieuwe batterijen. Dit geldt eerst voor industriële batterijen en EV-batterijen, later ook voor andere categorieën.
Vanaf 2027 wordt het batterijpaspoort verplicht voor bepaalde categorieën. Dat is een digitaal document met informatie over de samenstelling, herkomst van materialen en prestaties van de batterij. Voor LMT-batterijen (light means of transport, zoals e-bikes en e-scooters) en industriële batterijen gaat dit eerder in dan voor andere typen.
De koolstofvoetafdruk van batterijen moet vanaf 2025 worden berekend en gerapporteerd. Verplichte drempelwaarden volgen later.
Waar zit de onduidelijkheid?
Veel bedrijven weten niet goed waar ze aan toe zijn, en dat is begrijpelijk. De verordening is aangenomen, maar een groot deel van de technische uitwerking loopt via gedelegeerde handelingen die de Europese Commissie nog moet publiceren.
Neem het batterijpaspoort. Het principe is duidelijk, maar de technische specificaties voor het register, de toegangsregels en de exacte datastructuur zijn nog niet volledig vastgelegd. Bedrijven die nu willen plannen, kunnen dat maar tot op zekere hoogte.
Hetzelfde geldt voor de recyclingdrempelwaarden. De percentages zijn in de verordening opgenomen, maar de meetmethoden worden nog uitgewerkt.
Dit is geen uitzondering. Het is hoe EU-regelgeving steeds vaker werkt: een politiek akkoord op hoofdlijnen, technische invulling later. Voor bedrijven betekent het dat u regelmatig moet controleren wat er nieuw is gepubliceerd.
Wat kunt u nu al doen?
Check of uw producten draagbare batterijen bevatten die verwisselbaar moeten zijn. Als dat niet het geval is bij uw huidige productontwerp, is dat een gesprek met uw leverancier waard. Aanpassingen in productontwerp kosten tijd.
Controleer uw batterijmarkering. Klopt de capaciteitsaanduiding? Is het chemische type aangegeven? Staat de doorgestreepte vuilnisbak erop?
Registreer u als producent of importeur in de relevante nationale registers als u dat nog niet gedaan heeft.
Voor producten die in meerdere EU-landen worden verkocht: controleer per land hoe de implementatie van de producentenverantwoordelijkheid is geregeld. Dit verschilt nog aanzienlijk.
Als u vragen heeft over hoe de Batterijenverordening uitwerkt voor uw specifieke productcategorie, neem dan contact op voor een vrijblijvend gesprek.